Vous êtes ici dans un espace créé et géré par le site Garage de poche.
Ces pages sont réservées aux internautes qui ont envie de faire découvrir leurs collections ou des modèles qu'ils trouvent dignes d'être contemplés sur le weeb.
Alors si vous voulez, comme Thierry, faire découvrir vos petites splendeurs, contactez-moi. garagedepoche.com
Thierry, un expert en miniatures, il nous présente sa collection sous forme de comparatif,
anciens et nouveaux modèles, ou séries presse... Une démarche très intéressante.

LA MÊME 25 ANS APRÈS

DE DEZELFDE 25 JAAR LATER

2CV DAGONET 1956
NOREV "LIGNE NOIRE" / HACHETTE NOREV

Vers la fin des années 80 Norev renait de ses cendres et sort de nouveaux modèles basés sur d’anciens moules réactualisés et améliorés. Ces modèles remportent un certain succès et en marge de ces modèles Norev offre aussi des miniatures en résine sous le nom de "Ligne Noire". La plus part des modèles parus sont des reproductions de Citroën plus ou moins méconnues comme cette 2 CV Dagonet. 
Tegen het einde van de jaren 1980 begon Norev zich opnieuw te herontwikkelen als volwaardig fabrikant van miniatuurauto’s voor de verzamelaar. De eerste “nieuwe” modellen zijn nog gebaseerd op oude mallen maar wel bijgewerkt en verbeterd. Deze modellen hebben een bepaald succes en in de marge van deze modellen bod Norev ook miniaturen van kunsthars onder de naam “Ligne Noire” aan. De meerderheid van de uitgebrachte modellen zijn reproducties van min of meer onbekende Citroën als deze 2 CV Dagonet.
Au milieu des années 50, la 2 CV connait un succès commercial immense et certain tentent d’en améliorer les performances. C’est ainsi qu’entre 1952 et 1956, Jean Dagonnet un passionné de compétition automobile, résidant à Faverolles, transforme la mécanique de la 2 CV et modifie le moteur dont la cylindrée passe de 375 à 425 cm3. Il transforme aussi la carrosserie de la 2 CV avec des éléments en plastique, en surbaissant le toit et en intégrant les phares aux ailes avant. Le capot est lisse avec une calandre ovale portant les initiales DF (Dagonet Faverolles).  
In het midden van de jaren ' 50, heeft de 2 CV een ongekend commercieel succes en sommige proberen prestaties ervan te verbeteren. Jean Dagonnet, Een gepassioneerde van rally uit Faverolles, een dorp in de buurt van Reims, transformeert tussen 1952 en 1956, de 2 CV door de motorinhoud te vergroten van 375 tot 425 cm3. De carrosserie van de auto was ook aangepast en sterk verlaagd. Zo werden het dak, motorkap en voorspatborden van kunststof waardoor de auto nog lichter werd. De koplampen zijn vast in  de spatborden en de bijna gladde motorkap krijgt een ovalen grille met de initialen DF (Dagonet Faverolles). 
 Cependant les carrosseries des 2 CV modifiées par Dagonnet variaient plus ou moins. La miniature  "ligne Noire" de Norev reproduit un modèle de 1956. La miniature est en résine et seuls les phares avant sont des pièces rapportées, Tout le reste est gravé avec la carrosserie. Les essuie-glaces sont gravés et peints sur le pare brise. Les feux arrière sont peints. le châssis reste commun aux 2 CV que produisait Norev alors mais est gravé "Dagonet 2 CV 1956". L’intérieur peu détaillé reste simpliste et sa couleur argentée parait peu réaliste. 
Echter, de carrosserieën van de door Dagonnet gewijzigde 2 CV verschillen min of meer. De miniatuur "Ligne Noire” van Norev reproduceert een model uit 1956-. De miniatuur is van kunsthars en de koplampen zijn de enige los aangebrachte onderdelen van de carrosserie. De ruitenwissers zijn gegraveerd en geschilderd op de voorruit. De achterlichten zijn geschilderd. Het chassis blijft gelijk met dat van de gewone Norev 2 CV uit die tijd maar is gegraveerd "Dagonet 2 CV 1956. Het interieur  blijft simplistisch in een onrealistische zilveren kleur. 
 25 ans plus tard, Norev a de nouveau réduit cette voiture pour les besoins d’une série chez Hachette dédiée à la 2 CV. Au premier coup d’œil les deux miniatures semblent identiques mais de nombreux détails les distinguent.
La miniature la plus récente est en zamak et a des clignotants et feux arrière rapportés en plastique translucide rouge et des essuie-glaces. De même l’ouverture de la vitre avant est évoquée par un mince filet gris. L’intérieur entièrement gris reprend un intérieur de 2 CVAZ normale. Dans les deux cas il n’y a pas de roue de secours dans le coffre. Enfin la plus jeune des deux reçoit un pare choc à arrière. 
25 jaar later, heeft Norev dezelfde auto uitgebracht t.b.v. een kioskserie van Hachette over de Citroën 2 CV. Op het eerste gezicht hebben de twee miniaturen een identiek uiterlijk, maar verschillen door veel details.
 De nieuwste miniatuur is van zamak. Alle details zijn nu evenveel losse onderdeeltjes, zoals de koplampen, richtingaanwijzers, ruitenwissers en achterlichten.  Zelf de opening van de voorste zijruit wordt weergegeven door een dun lichtgrijs lijntje.
Het licht grijs interieur blijft standaard maar is veel realistischer dan die van het oude model.
Tenslotte heeft dit model een bumper achter terwijl het oude model er geen heeft. 
 Norev a depuis longtemps abandonné la série "Ligne Noire". Les deux modèles sont encore relativement facile à trouver. La plus récente à prix très doux la plus ancienne reste en général bon marché.
Pour les bricoleurs il existe aussi un Kit Vroom mais celui-ci a été conçu sur la base très moyenne de la 2 CV Heller.
Il reste amusant de voir qu’un fabricant fabrique à 25 ans d’intervalle deux fois la même miniature. 
Norev is al lang gestopt met de serie “Ligne Noire”. Deze twee modellen zijn nog steeds relatief gemakkelijk te vinden. De meest recente zeker tegen heel zachte prijsjes.
Voor de klussers bestaat ook een transkit van vroom. Echter deze is gebaseerd op het bouwpakket van Heller en dus tamelijk matig,
Het blijft leuk om te zien hoe een fabrikant 25 jaar uit elkaar twee keer de dezelfde miniatuurauto produceert.

(Photo du net / webfoto)

QUATRE JEUNES CYLINDRES

VIER JONGE CILINDERS

Renault Juvaquatre Berline 1946/48
Eligor / Altaya Ixo

Apparue en 1937 au salon de paris, la Juvaquatre se présente comme une petite voiture économique à deux portes. Conçue pour une clientèle jeune, son nom est une contraction de Juventus (qui veut dire jeune en latin) et quatre pour le nombre de cylindres.
 Interrompue pour cause de guerre, sa production reprend des 1946 mais sous la forme d’une berline 4 portes.
Les modèles d’avant guerre existent sous la forme de transkit utilisant une base Eligor. 
De Juvaquatre werd in 1937 voor het eerste op de autoshow van Parijs vertoond als een kleine economische auto met twee deuren. Ontworpen voor een jonge cliënteel, zijn naam is een samentrekking van Juventus (wat betekent jong in het Latijn) en vier voor het aantal cilinders. Als gevolg van de oorlog, werd zijn productie in 1940 onderbroken en pas in 1946 hervat maar dan in de vorm van een 4-deuren sedan.
Miniaturen van de vooroorlogse modellen bestaan wel als  transkit op basis van het Eligor modelletje.
Le modèle Eligor lui-même n’est ni plus ni moins une reprise d’un modèle Norev datant des années 60. Au début des années 80 Eligor a réutilisé d’anciens moules de Norev et remis ces modèles au gout du jour en les améliorant un peu, surtout au niveau des roues.
Contrairement aux modèles Norev les miniatures sont en zamak et non plus en plastique. 
Het Eligor model zelf niets anders dan een opgewaardeerd oud Norev model daterend uit de jaren 1960. In de vroege jaren 1980 had Eligor enkele oude mallen van Norev hergebruikt en ze een beetje verbeteerd, vooral door de standaard Norev wieltjes te vervangen door realistische wielen. In tegenstelling tot de modellen van Norev zijn deze miniaturen niet meer van plastic maar in zamak gegoten
 Héritage du modèle Norev, la Juvaquatre Eligor a un coffre ouvrant avec une roue de secours dans le couvercle du coffre. La miniature bénéficie aussi d’une suspension. La gravure est fine et les lignes sont justes. Les clignotants Jockey de 4 CV et le deuxième feu arrière n’étaient pas d’origine et ont été vraisemblablement rajoutés sur la voiture ayant servi de modèle à Norev.
Pour le reste l’intérieur est très simple car Eligor a conservé celui du modèle Norev d’origine. 
Als erfenis van het Norev model, heeft de Juvaquatre van Eligor een opengaande kofferbak met een reservewiel in het deksel. De miniatuur beschikt ook over een veringsysteem. De gravure is fijn  en de lijnen van de auto prima weergegeven. De richting aanwijzers van de  4 CV en het tweede achterlicht  waren niet origineel maar vaak voorkomende accessoires op de echte auto’s. Waarschijnlijk waren die aanwezig op de auto die door Norev als het model werd gebruikt. Voor de rest, is het interieur zeer eenvoudig omdat Eligor dat van het oorspronkelijke model van Norev heeft behouden.
 Le tandem Altaya Ixo a sorti pour les besoins d’une série presse une Juvaquatre. Les quatre portes et la malle arrière permettent d’identifier un modèle de 1946-1948. La miniature respecte les lignes et les formes de la voiture réelle mais est traitée à la "chinoise" c'est-à-dire avec une peinture beaucoup trop épaisse et une utilisation trop abondante d’argenture.
L’intérieur est bien détaillé mais entièrement noir et donc peu discernable.
De tandem Altaya Ixo heeft ook een Juvaquatre voortgebracht voor de behoeften van een kioskreeks. Het model is te identificeren als een auto uit 1946-1948 door de vier deuren en de kofferbak.  De miniatuur respecteert de lijnen en vormen van de werkelijke auto maar wordt op zijn "Chinees" behandeld d.w.z. veel te dik gespoten en een onnodig overvloedig gebruik van zilververf. Het interieur is goed gedetailleerd maar geheel zwart en zo weinig zichtbaar.
 Malgré l’âge canonique de son moule le modèle Eligor supporte encore très bien la comparaison avec son jeune homologue d’Ixo. Certes les pare-chocs sont trop "carrés" et certains détails trahissent son origine lointaine. Cependant ce modèle est tout même une meilleure reproduction de la vraie voiture. La miniature Ixo est trop "lisse" et manque de relief, ce qui est encore accentuée par l’épaisse couche de peinture.
Les deux miniatures sont faciles à trouver pour des prix plus que raisonnables. 
Ondanks de leeftijd van de mal verdraagt het Eligor model met gemak een vergelijking met zijn jonge tegenhanger van Ixo. Zeker de bumpers zijn wat te "vierkant" en bepaalde details verraden zijn verre oorsprong. Dit model blijft echter nog de beste reproductie van de echte auto. De miniatuur van Ixo is te 'glad' en mist wat reliëf. Dit wordt versterkt door de dikke laag verf.
De twee miniaturen zijn gemakkelijk te vinden voor meer dan redelijke prijzen.

 
Juvaquatre 2 portes 1938 Transkit Provence Moulage (+/- 1985)

Les autres Juvaquatre / De andere Juvaquatre
 Juvaquatre coupé
http://garagedepoche1.blogspot.nl/2009/06/raretee.html
 Juvaquatre break / station
http://garagedepoche1.blogspot.nl/2011/03/lautre-petite-renault.html

 Juvaquatre fourgonnette / bestel
http://garagedepoche1.blogspot.nl/2017/09/une-fourgonnette-deux-noms.html

UNE FOURGONNETTE, DEUX NOMS

EEN BESTELWAGENTJE, DEUX NAMEN

Renault 300Kg fourgonnette
CIJ / Solido Hachette

Suspendue pour cause de guerre, la production de la Juvaquatre, apparue en 1937, fût reprise en 1945. Tandis que la Juvaquatre berline disparu en 1948, remplacée par la 4 CV, la fourgonnette continua d’être fabriqué jus qu’en 1960. Au cours de cette longue période la Juvaquatre changea de nom en 1956 pour devenir Dauphinoise lorsqu’elle reçu le moteur de la Dauphine. Cependant, pour tout le monde cette voiture reste une "Juva".
Geschorst tijdens de oorlog, werd de productie van de Juvaquatre, verschenen in 1937, in 1945 hervat. Terwijl de Juvaquatre sedan in 1948 verdween, vervangen door de 4 CV, bleef de besteluitvoering in productie tot 1960. Tijdens deze lange periode veranderde de Juvaquatre haar naam in 1956, toen ze de motor van de Dauphine ontving, in Dauphinoise. Desondanks blijft deze auto voor iedereen een “Juva”.
 Au cours des années 50, CIJ, alors spécialiste des Renault en miniatures a fabriqué deux Dauphinoises : la fourgonnette et le break. Beaucoup plus tard, Solido, Norev, Eligor et Ixo les ont reproduits aussi, tandis qu’Universal Hobbies s’est limité au break. Vu ce choix il peut donc paraitre surprenant de comparer deux miniatures ayant 50 ans de différence d’âge.
In de loop van de jaren 1950, CIJ, toen specialist van Renault in miniaturen, produceerde twee Dauphinoises: het bestelwagentje en de stationuitvoering. Veel later, hebben Solido, Norev, Eligor en Ixo het zelfde gedaan, terwijl Universal Hobbies enkel een matige stationuitvoering heeft gemaakt. Gelet op deze ruime keuze lijkt het misschien vreemd om twee miniaturen met 50 jaar leeftijdverschil te vergelijken.
 L’intérêt de ces deux miniatures est qu’elles reproduisent chacune une des deux versions de cette Juva fourgonnette. La plus ancienne reproduit paradoxalement la version la plus récente et la plus jeune la plus vieille.
La miniature de CIJ est une Dauphinoise tandis que la miniature de Solido est une Juvaquatre. Les boites ne mentent d’ailleurs pas et annoncent le juste type. Outre le style tout à fait opposés de ces deux miniatures, où se cachent donc les différences ?
In feit deze twee miniaturen geven elk een van de twee versies van deze “Juva” weer. De oudste reproduceert, paradoxaal genoeg, de meest recente versie en de jongere de oudste. De CIJ miniatuur is Dauphinoise, terwijl de miniatuur van Solido een Juvaquatre is. De dozen kondigen ook alle twee het juiste type aan. Behalve de twee totaal afwijkende stijlen waar verbergen zich de verschillen dan?
 Le modèle CIJ a un pli au dessus du pare brise, le losange Renault orne la calandre  et la porte arrière s’ouvre de la droite vers la gauche. Ces détails sont typiques du modèle R2101 de 1956 autrement dit Dauphinoise. Sur le modèle Solido, le toit est lisse au dessus du pare-brise, la porte arrière s’ouvre de la droite vers la gauche et aucun losange n’orne la calandre. Tout ceci est conforme au modèle Juvaquatre AHG2 de 1952.
 Het CIJ model heeft een vouw aan de bovenkant van de voorruit, de Renault ruit siert de voorkant grille en de achterklep opent van rechts naar links. Deze details zijn kenmerkend voor het model R2101 uit 1956 ofwel Dauphinoise. Op het Solido model is het dak glad boven de voorruit, de achterdeur opent van rechts naar links en geen ruit siert de voorgrille. Dit komt overeen met de kenmerken van het model Juvaquatre AHG2 uit 1952.
 Ainsi malgré sa charmante simplicité, la miniature de CIJ reproduit fort bien la vraie voiture. L’échelle est cependant approximative car le modèle est légèrement plus petit que celui de Solido.
Solido avait reproduit aussi bien le break que la fourgonnette et a, vraisemblablement par soucis d’économie utilisé plusieurs pièces communes aux deux modèles. Ainsi cette fourgonnette a fâcheusement conservé l’intérieur du break avec une banquette arrière! Mais ceci étant presque invisible c'est le seul grief qui peut être fait à cette miniature,  mis à part les roues d’un bloc en plastique dur sans pneus souples. 
Dus ondanks zijn charmante eenvoud geeft de miniatuur van de CIJ de lijnen en karakteristieken van de echte auto goed weer. De schaal is echter niet precies 1/43 omdat het model iets kleiner dan die van Solido is. Solido heeft ook de break gereproduceerd en waarschijnlijk om kosten te besparen verschillende gemeenschappelijke delen op beide modellen gebruikt. Zo heeft dit bestelwagentje het interieur van de stationwagen gekregen inclusief achterbank! Gelukkig is dit bijna onzichtbare en het enige punt van kritiek op dit model, afgezien van de wielen van hard plastiek zonder zachte rubberbanden. 
 Ces deux miniatures sont encore faciles à trouver. Le modèle Solido coute environ un dixième du prix d’un modèle original de CIJ neuf en boite. Norev a produit des répliques aussi, lesquelles sont une bonne alternative pour un modèle CIJ.
Deze twee miniaturen zijn nog steeds gemakkelijk te vinden. Het model Solido kost ongeveer een tiende van de prijs van een origineel model een “mint boxed” CIJ model. Norev heeft ook replica’s van de CIJ modellen geproduceerd, welke een goed alternatief zijn voor een echt CIJ model.